Zesendertig

Voor het eerst in mijn leven bereik ik een leeftijd die ik aan de oude kant vind. Omdat ik er toch aan moet gaan wennen, zeg ik maar hardop dat ik morgen zesendertig jaar word. Ik vier mijn verjaardag niet. Ik kijk allang niet meer uit naar de dag dat ik weer een jaartje ouder word.

Vroeger wist ik het zeker: op mijn vijfendertigste levensjaar zou mijn leven compleet zijn. Op die leeftijd was ik getrouwd met mijn jeugdliefde: een mooie man die zijn geld verdiende als industrieel ontwerper of architect. Ik verdiende mijn geld met een psychologiepraktijk aan huis. Samen stichtten we ons eigen gezin, met zeven geadopteerde kinderen in alle huidskleuren, elk afkomstig van een ander continent. Dus een soort levende united colors of Benetton reclame. Met ons gezin woonden we dan in een gerestaureerd grachtenpand met smetteloos wit gestuukte muren. De huiskamer zou gevuld zijn met designmeubelen en een grote eettafel van steigerhout, waaraan we gezamenlijk bordspelletjes speelden of vers bereide gerechten uit de wereldkeuken aten. Foto’s van ons smaakvol ingerichte huis zouden worden gepubliceerd in alle internationale edities van VT Wonen.

Nu aan het einde van mijn vijfendertigste levensjaar moet ik toegeven dat er van die jongensdroom weinig is terecht gekomen. De relatie met mijn eerste liefde hield geen stand. Het leek in het begin misschien een perfect plaatje maar naarmate we allebei groeiden als persoon, groeiden we steeds verder uit elkaar. Heel bevlogen was ik ooit begonnen aan een studie psychologie, om vele levens voorgoed te veranderen. Om tot de ontdekking dat ik daarvoor totaal ongeschikt ben. Daarna ben ik toevalligerwijs terechtgekomen bij het bedrijf waarvoor ik dertien jaar later nog steeds werk. Mijn carrière beschouw ik als iets dat me meer is overkomen dan dat het voortkomt uit passie. En mijn huidige vriend lijkt in niets op de stoere, brede en donkerharige man waarvan ik ooit droomde. Ik had je keihard uitgelachen als je mij had voorspeld dat ik een vriend zou krijgen met lang blond haar en een cowboylaarzen-tic.

Toch is dat precies de omschrijving van de man waarmee ik al jarenlang gelukkig ben. Elke dag ben ik trots op wat ik bereik in mijn doorsnee kantoorbaan. En heel bewust zijn we kinderloos omdat we twijfelen over of we goede ouders kunnen zijn. Ik heb het besef gekregen dat niet perfect ook goed genoeg is. Dat is het mooiste cadeau dat ik voor mijn zesendertigste verjaardag kon wensen.

Gerelateerd

Geef een reactie

You have to agree to the comment policy.

11 reacties

  1. Je hebt jezelf een prachtig cadeau gedaan: je plussen en minnen opgeteld en je conclusie getrokken. Sommige mensen kunnen dat nog niet eens als ze 80 zijn. Dan geven ze iedereen behalve zichzelf de schuld dat hun leven niet geworden is zoals ze het hadden uitgestippeld.
    Nog gefeliciteerd met je 37e verjaardag!

  2. Meer dan een jaar te laat om je proficiat te wensen met je 36ste verjaardag, maar slechts enkele dagen te laat met mijn felicitaties voor je 37ste verjaardag. Hopelijk heb je er van kunnen genieten zonder een kringverjaardag te moeten organiseren (daar had ik trouwens nog nooit van gehoord)

  3. Ondertussen ben je dus zes en dertig en een half jaar en feliciteer ik je dáár mee;-)
    Je bent dus half zo oud als ik en kan je verzekeren dat de jaren alleen op papier verder tellen , in je hoofd blijf je gewoon 36.
    Je droom van 7 kinderen van allemaal verschillende continenten had tóch al weinig kans, daarvoor komen we een paar continenten te kort;-)
    Maar uiteindelijk ben je dan toch gelukkig geworden en wat wil een mens nou méér!

  4. Wat een mooi eerlijk stukje! Toen ik 2 jaar terug 25 werd had ik dat gevoel ook. Wat heb ik gedaan al die tijd en heb ik bereikt wat ik wilde? Nu ik over 2 jaar 30 word bekruipt me dat gevoel af en toe nog weleens. Maar zo zie je dat het leven je soms kan verrassen en misschien is dat juist wel het mooie. Wees uiteindelijk gelukkig en tevreden.