Phil

Dat je al op jonge leeftijd op het verkeerde pad kunt belanden, bevestigde mijn zus in een appje over haar zoon. Hij is zeven en fan van Phil Collins.

Nou overkomt dat de beste mensen. Er zijn honderdvijftig miljoen platen van hem verkocht. Maar toch, Phil Collins.

Recent maakte Phil Collins bekend een autobiografie te hebben geschreven en op wereldtournee te gaan onder de titel ‘Not Dead Yet’. Phil heeft humor, dat moet ik hem nageven. Al vond hij het minder grappig toen er een online petitie tegen zijn comeback werd gestart. Dat is, denk ik, precies het probleem: Phil moet zichzelf, zijn muziekcarrière, en het leven in het algemeen, niet al te serieus nemen. Dat leidt tot tenenkrommende situaties. Zoals toen hij ‘I Wish It Would Rain Down’ schreef naar aanleiding van de scheiding van zijn eerste vrouw. Dat liedje bevat de pathetische tekst: ‘I know I’m never gonna hold you again, Now I wish it would rain down, down on me.’ Phil bezingt dit alles bloedserieus. Geen wonder dat zijn vrouw is weggelopen. Op de radio hoorde ik toevallig zijn hit Sussudio: ‘I just say the word, Oh Su-Su-Sussudio, I just say the word oh Su-Su-Sussudio, I’ll say the word, Oh, Su-Su-Sussudio oh oh oh, Just say the word, Just, just, just say the word uh, Just say the word, Su-Su-Sussudio, oh oh oh.’ Toen realiseerde ik me dat ook zijn andere liedjes geen briljante literaire werkjes waren.

Bovendien schuilt er in Phil Collins geen groot componist. Mijn mening baseer ik op objectieve onderzoeksresultaten. Ik heb diverse mensen gevraagd om spontaan een liedje van Phil Collins te zingen. Neuriën mocht ook. Bijna niemand kon zich een Collins klassieker herinneren. Dit lijkt me veelzeggend. Al in de jaren tachtig was Phil een vreemde artiest in de bijt. Vooral als je zijn uiterlijk afzet tegen andere wereldsterren van dat decennium. Madonna had – links of rechts – een intrigerende moedervlek bij haar bovenlip. Michael Jackson bleek interraciaal. Prince deed goed werk voor de acceptatie voor de man op hoge hakken. En dan was er Phil, een kalende thuisblijfvader.

In de jaren tachtig hadden we nog het legitieme excuus dat we geïndoctrineerd waren. De radio draaide immers alles van Phil Collins – met z’n typerende sound van synthesizers en bordkartonnen drumcomputers – volkomen grijs. Maar mijn neefje luistert er vrijwillig naar.

Ik hoop dat hij over deze fase heen groeit.

Blijf op de hoogte van nieuwe stukjes via Facebook of Twitter.

Futiliteiten

Voor iemand die zo lang van stof is als ik, is het onvoorstelbaar dat iemand zich in 140 tekens kan uitdrukken. Maar miljoenen mensen lukt het om via twitter de godganse dag kernachtig te vertellen wat zij aan het doen zijn. En die twitterende mensen doen heel veel dingen op één dag. Zoveel zelfs, dat ik me afvraag waar die personen de tijd vandaan halen om nog erbij te twitteren.

De meeste twitteraars lijken indruk te willen maken met hun drukke agenda, gevuld met veelbelovende zakelijke afspraken en uitnodigingen voor populaire feesten. Het ‘kijk mij nou’-gehalte op twitter is nogal groot. De berichten op twitter zijn een schijnvertoning. Nooit lees je over de schaduwkanten van het leven. Niemand twittert dat zijn pinpas is geblokkeerd na maanden rood te hebben gestaan. Of dat de deurwaarder op de stoep staat. Die berichten zou je toch verwachten in deze tijden van crisis.

Al die artiesten met een oninteressant, verwaarloosd weblog zitten nu op twitter. Paul de Leeuw plugt zijn televisieprogramma door via twitter te vertellen welke beroemdheden te gast zullen zijn. Madonna kondigt de release van een nieuwe single aan. Georgina Verbaan twittert over de opnamen van haar nieuwe serie Floor Faber. Twitter is het nieuwste medium om jezelf te pluggen.

Ik vind het trouwens ook verwonderlijk dat iedereen tijdens werktijd om de haverklap berichten op internet mag zetten. Misschien ben ik een modelwerknemer, of is mijn leidinggevende van de oude stempel, maar op mijn werk gaat mijn telefoontoestel uit. Bovendien krijg ik geen loon betaald om te twitteren dus gebruik ik internet op mijn werk alleen voor zakelijke doeleinden.

Vandaag heb ik bijgehouden wat ik getwitterd had, als ik zou twitteren:
‘Ik eet cup-a-soup als ontbijt omdat mijn bloeddruk weer te laag is.’
‘Telkens als ik nodig moet, zijn alle wc’s bezet.’
‘Bah, de cappucino uit de koffieautomaat is op.’
‘Ik vind dat het hete water uit de koffieautomaat zonder theezakje al voldoende kleur en smaak heeft.’
‘Ik sta in de rij bij La Place voor een broodje boerenkaas.’
‘Ik heb de was te lang in de wasmachine laten zitten, ga nu het spoelprogramma eens uitproberen.’

Ik kan mij niet voorstellen dat iemand op dit soort intieme futiliteiten van een wildvreemde zit te wachten. Dat soort dingen vertel ik niet eens aan mijn vriend. Laat staan dat ik de behoefte heb om dat met de rest van de wereld te delen.

Reusachtig

Na het concert van de IJslandse zangeres Emiliana Torrini in Paradiso, kon ik twee conclusies trekken: 1) er zijn weinig moderne opnametechnieken op haar cd gebruikt 2) bij lange, donkere basketballers valt Emiliana’s muziek niet in de smaak. Deze bevindingen zal ik hieronder verder toelichten.

Als het publiek niet uitzinnig had meegezongen en had geapplaudisseerd dan zou de opname van dit concert linea recta op cd kunnen worden uitgebracht. Emiliana en haar band maakten live helemaal waar wat op de cd al te horen was. De muzikanten speelden gepassioneerd en Emiliana haalde alle noten schijnbaar moeiteloos. Dat is precies waarom ik haar optreden erg geslaagd vond. En ook precies de reden dat ik nooit naar een concert van Madonna zal gaan.

Madonna gebruikt namelijk wèl al die hoogstaande opnametechnieken om haar hitgevoelige deuntjes op te leuken. Met als gevolg dat Madonna live niet als Madonna op cd klinkt. Dat gebrek aan zuivere zang compenseert zij volop met ingewikkelde danspasjes die veel lenigheid vergen en door zo nu en dan aan een kruis te gaan hangen. Maar voor lenige danspasjes kan ik ook naar het ballet. En in de kerk hangt er altijd iemand aan het kruis, zonder dat daar vals doorheen wordt gejengeld. Ik dwaal af.

Met mijn schamele lengte van een meter en achtenzeventig centimeter was ik een van de langste personen in het publiek. Dat was voor mij een vreemde gewaarwording omdat ik sinds ongeveer mijn dertiende jaar door mijn vrienden letterlijk word overschaduwd. Zelfs menig vriendin op hoge hakken kijkt op mij neer. Alle danoontjes en talloze boterhammen pindakaas ten spijt, is bij mij een groeispurt uitgebleven.

In de puberteit had ik graag geruild met iemand van twee meter (inclusief de bijbehorende frequente schedelbasisfracturen vanwege het stoten van je hoofd).  Inmiddels weet ik dat je met zo’n lengte gebukt door het leven gaat. Desondanks was het leuk om me voor de verandering eens reusachtig te voelen doordat ik tijdens het concert boven (bijna) iedereen uittorende.

Wat ik in het multiculturele hartje Amsterdam verder tamelijk uniek vond, was dat het publiek – op ’n enkele neger en Aziaat na – voornamelijk bestond uit blanke mensen. Nu weet ik dat IJslandse artiesten het vrijwel allemaal hekelen als hun muziek wordt omschreven als ‘feeëriek’ en/of sprookjesachtig. Voor het publiek dat Emiliana’s concert trok, gaat de term sprookjesachtig goed op: dwergen of gnomen zijn in prentenboeken zelden lang, donker en anatomisch geschikt voor basketbal.