Praatpaal

Het is een cultuurshock als Nederland voorgoed veranderd is na twee weken vakantie in Frankrijk.

Direct nadat we Nederland inreden viel me op dat iedere ANWB-praatpaal was ingepakt met een witte hoes. De praatpalen zijn buiten dienst gesteld. ‘Die akelige voortgang ook,’ dacht ik. De praatpaal was vroeger een knalgeel baken van hoop. Bij een autopech was de ANWB altijd dichtbij. Op mijn geromantiseerde herinnering valt natuurlijk af te dingen: het was altijd onduidelijk of de dichtstbijzijnde praatpaal zich terug of verderop bevond. En met je smartphone veilig vanachter een vangrail de wegenwacht bellen is stukken praktischer. Maar toch, een diepgeworteld gevoel van weemoed overviel mij. Tot ik me herinnerde dat er alweer nieuwe praatpalen zijn.

Tijdens mijn vakantie had ik namelijk de podcast ontdekt. Omdat ik me realiseerde dat ik wantrouwig ben over gadgets, besloot ik de podcast over nieuwe media van Alexander Klöpping en Ernst-Jan Pfauth te beluisteren. Deze mannen zijn ‘entrepreneurs’ die in elke technische ontwikkeling een lucratief businessplan zien. Omdat zij achter de geweldige initiatieven Blendle en De Correspondent zitten, vertrouw ik hun oordeel.

In een van hun podcasts spraken ze dus over praatpalen voor thuisgebruik. Een ‘big deal’ volgens Ernst-Jan. Subtiele objecten ter grote van een stompkaars, die je in elke kamer ergens neerzet. Aan zo’n praatpaal stel je vragen waarop een virtuele assistent dan antwoord geeft. Dat klinkt als science fiction maar dat is dus de keiharde realiteit. Om het vertrouwd te maken, hebben die virtuele assistenten mensachtige namen. Zoals ‘Alexa’ van Amazon of ‘Siri’ van Apple. Alleen de praatpaal van Google heeft een ongezellige naam (Google). Neem je al die verschillende praatpalen in huis dan heb je nieuwe huisgenoten om tegenaan te praten. Een onbedoeld wapen tegen de oprukkende eenzaamheid.

Om een vraag te stellen, spreek je zo’n praatpaal aan met ‘Okay Google’. Er gaat dan een lampje branden zodat je weet dat hij luistert. Feitelijk luistert zo’n praatpaal je de hele dag af. Ook wanneer je sex hebt op de slaapkamer. De mannen probeerden de luisteraar gerust te stellen met een ingewikkelde uitleg over dat een chip pas na het uitspreken van ‘Okay Google’ de informatie naar de cloud stuurt om een antwoord te formuleren. Ik vond het verontrustend. Nergens in de podcast sluiten de mannen uit dat de Amerikaanse geheime dienst stiekem meeluistert.

‘Fucking eng,’ concludeert Alexander.

Zelfs voor entrepreneurs gaat de technische vooruitgang soms te snel.

Blijf op de hoogte van nieuwe stukjes via Facebook of Twitter.

Thijmen

Al sinds vorig jaar probeer ik stug geen vlogs te kijken. Dat is best lastig want tout bekend Nederland is aan het vloggen geslagen. Arjen Lubach. Domien Verschuren. Gerard Joling vlogt over zijn taakstraf, die hem is opgelegd vanwege het veroorzaken van een verkeersongeval. Ja, zelfs Shane Kluivert (de jongste zoon van Patrick) heeft zijn eigen kookkanaal op YouTube. En al die vlogs, waar ik heel nieuwsgierig naar ben, heb ik dus nooit gevolgd.

Maar nu lag ik in Frankrijk naast het zwembad essays te lezen over feminisme, en zocht ik een goed excuus om het boek weg te leggen. Op mijn tijdlijn op Twitter werden de vakantievlogs van ene Thijmen aangeraden. Ik was op vakantie met vrienden. Hij was op vakantie met vrienden. Zoiets schept toch een band. Het was de lichtvoetige afleiding die ik zocht middenin een relaas over de ‘wereldwijde verkrachtingscultuur’.

De eerste vlog – met de titel ‘#1 Kloten in het vliegtuig’ – begint zoals elke vakantie van drie twintigers die naar Spanje vliegen. Het inchecken op Schiphol duurt lang en ze drukken in het vliegtuig wat knopjes in. In de tweede vlog weigert een discotheek hen binnen te laten, wat uitmondt in een gevecht met een beveiliger. Tussendoor gaan ze jetskiën, kussen ze nog wat meisjes en belanden met een opblaaspop in het zwembad. Allemaal normale vakantiebezigheden voor jongens van die leeftijd, maar daarna escaleert het vrij snel.

De titels van Thijmen’s vakantievlogs beschrijven zijn belevenissen als de hoofdstukken van een spannende pageturner:
#11 We hebben onze vlucht gemist… (GROOT PROBLEEM)
#12 We moeten langer blijven…
#17 PROJECT X FEEST IN VILLA
#19 Al onze spullen zijn gestolen… (op strand geslapen)
#20 INBREKEN IN VILLA
#21 RUZIE MET VILLA BAAS (+ OPROEP)
#23 Paspoorten terugstelen bij ORGANISATIE

Dit is precies het soort thriller dat ik graag lees tijdens een vakantie. Elke dag zat ik trouw om 16:00 klaar voor Thijmen’s nieuwe vlog. Dat het laden van de video via de krakkemikkige Franse internetverbinding uren duurde, had ik er graag voor over.

Ondertussen speculeerden verschillende twitteraars over de echtheid van Thijmen’s vlogs. Men vroeg zich af hoe iemand na een nacht slapen op het strand, een vlog monteert en zonder internetverbinding dat op YouTube publiceert. Niemand leverde doorslaggevend bewijs waaruit onomstotelijk bleek dat Thijmen z’n vlogs in scene had gezet.

Of die vlogs nou echt of nep waren, dat was mij om het even. Ik was benieuwd of Thijmen ooit nog thuis ging komen.

Blijf op de hoogte van nieuwe stukjes via Facebook of Twitter.

Gaymer

Laatst reageerde ik nog lacherig op de uitbreiding van de doelgroep van het COC van LHBT naar LHBTI (en soms ook Q). ‘Het COC heeft extra minderheden nodig om zichzelf relevant te houden,’ grapte ik. Met een homohuwelijk en hetero’s die de gaypride meevieren, waan je je bijna in een wereld waar je voor niets meer de barricades op hoeft te gaan. Of je gaat je richten op luxeproblemen, zoals het eisen van gelijke rechten in de fictieve gamewereld, zoals ik ergens op Blendle las.

Tot die virtuele wereld houd ik afstand, vooral omdat ik eens tijdens het spelen van Largo Winch twee Xbox-controllers kapot heb gegooid. De gamewereld was er sindsdien blijkbaar weinig op vooruitgegaan. In de meeste videogames is het hoofdpersonage nog altijd een witte heteroseksuele man. Een groep ‘gaymers’ pleit – met succes – voor meer diversiteit in videogames. In bijvoorbeeld het Vikingspel Skyrim zijn homoseksuele relaties mogelijk. Juist de Vikingen lijken mij bij uitstek blanke heteroseksuele mannen met heteroseksuele relaties. Blijkbaar ben ik de enige met zo’n benepen hokjesgeest.

De gaymers roemen The Sims, een soort simulatie van het menselijk leven. Binnen The Sims is het homohuwelijk ingevoerd. En door een heuse ‘gender-update’ kun je zelfs als transgender door het leven gaan. Een mannelijke ‘Sim’ kan jurkjes of hoge hakken aan. Voor vrouwen zijn er lage stemmen en extra stoere loopjes. Ik vind het allemaal een tikkeltje stereotiep maar het is een begin.

De grote vraag is zo’n personage veilig over straat kan (of de zee op, in het geval van ’n Viking). Durft hij hand in hand te lopen met z’n partner? Loopt zo’n personage ook een blokje om als er in de schemering een groepje mannen ergens doelloos rondhangt, zoals LHBT’ers in het echt ook doen? Zijn er anderen met een betonschaar op zak? Zomaar wat vragen die in mij opkwamen tijdens het lezen van het krantenartikel.

Na het incident in Arnhem ben ik alerter op straat. Laatst fietste ik in het donker alleen door de stad en voelde ik me ineens onveilig. Zonder aanleiding, want in Enschede heb ik nooit geweld meegemaakt. Mijn vriend toont al jaren liever geen affectie in het openbaar. Zijn voorzichtigheid is nu ook naar mij overgeslagen. Tijdens computerspelletjes toonde ik vroeger lef omdat ik over oneindig veel levens beschikte. In de realiteit ben ik me er bewuster van dat het door één onbezonnen voorbijganger zomaar ‘game over’ kan zijn.

Dit stukje schreef ik voor Gay.nl

Blijf op de hoogte van nieuwe stukjes via Facebook of Twitter.

YouTuber

Op Netflix staat de documentaire “Snervous” van 1 uur en 23 minuten over Tyler Oakley. (Nee, ik had ook nog nooit van hem gehoord.)

De persoonlijke documentaire beschouwde ik vroeger als het ideale medium voor supersterren om te laten zien hoe gewoon zij zijn gebleven. Ondanks al het succes en fortuin. Iedereen die de aftiteling van ‘In bed with Madonna’ of ‘Living with Michael Jackson’ heeft gehaald, weet dat die documentaires daarin falen. Uit de beelden bleek dat een mens erg excentriek wordt van teveel aandacht. Precies dat maakt de persoonlijke documentaire over het privéleven van een wereldster interessant. ‘Waarom volgt een documentairemaker dan een onbekende YouTuber als Tyler Oakley?’ vroeg ik me af. Waren de beroemdheden op? Of was Tyler Oakley een ster van de toekomst? Er zat niets anders op dan de documentaire te kijken.

Ik ontdekte dat er een soort van parallel universum is waarin de Tyler Oakley een ster is. Er zijn miljoenen wezens fan van hem. Hij heeft namelijk acht miljoen abonnees op zijn YouTube kanaal, waarop hij allerlei filmpjes zet. Die filmpjes zijn in totaal al 559 miljoen keer bekeken. In een wereld waarin Patty Brard een bekende Nederlander is, terwijl ze gemiddeld zevenhonderdduizend kijkers trekt met een uitzending van Shownieuws, is Tyler Oakley dus een absolute wereldster.

Meer moeite had ik met het doorgronden van het grote succes van Tyler’s filmpjes. Die zijn namelijk tamelijk eentonig. Want Tyler houdt er van om in zijn slaapkamer voor de webcam over zichzelf te praten. Soms met een stapel vieze was op de achtergrond. Zijn eerste filmpjes uit 2008 gaan over zijn Pokémon-obsessie. Hij filmt zijn eigen reactie tijdens het kijken van een onsmakelijke pornofilm. En hij post een video over een Chicken Nugget Challenge met zijn beste vriend, waarin Tyler 42 kipnuggets opeet. Oftewel, hij doet alles dat je van een nerd met een online videodagboek verwacht.

In latere video’s zien we Tyler die zijn post opent. Of raadt hij onbeschaamd allerlei kookboeken aan, terwijl hij toegeeft dat hij nooit kookt. Ook vindt hij het nodig om uitgebreid zijn mening te geven over hoe hij als homoseksueel tegenover het homohuwelijk staat (clou: hij is voorstander). Allemaal razend oninteressant.

Ik begon te overpeinzen wat een doorsnee persoon bezielt om z’n dagelijkse belevenissen op het internet met miljoenen wildvreemde mensen te delen. Waarom dringt iemand zijn oersaaie, politiek-correcte mening ongevraagd op aan anderen? En toen bedacht ik me dat ik zelf, als blogger, geen haar beter ben.

Blijf op de hoogte van nieuwe stukjes via Facebook of Twitter.

GTA 5

Ik: ‘Wat ben je aan het doen?’
Hij: ‘Gewoon. Een spelletje’
Ik: ‘Ben je toevallig Grand Theft Auto 5 aan het spelen?’
Hij: ‘Hm.’
Ik: ‘Ben je nog niet uitgespeeld? Je speelt dit al dagenlang.’
Hij: ‘Er zijn elke keer weer nieuwe dingen te bereiken.’
Ik: ‘Wat voor nieuwe dingen dan?’
Hij: ‘Ik kan altijd een nieuwe auto kopen. Of een groter appartement’
Ik: ‘Maar het punt van Grand Theft Auto is toch dat je auto’s steelt? Waarom koop je dan een auto?’
Hij: ‘De gaafste, stoerste auto’s hebben een tracker dus die kan ik niet langere tijd bewaren.’
Ik: ‘Oh.’

Hij: ‘En je kunt de dure, gestolen auto’s niet upgraden.’
Ik: ‘Is die Ford Mustang waarin je nu rijdt dan van jou?’
Hij: ‘Ja.’
Ik: ‘En die heb je gekocht met geld dat je in het spel hebt verdient?’
Hij: ‘Ja.’
Ik: ‘En heb je er zelf die achterlijk grote uitlaat en absurde spoiler er onder gemonteerd?’
Hij: ‘Hm.’
Ik: ‘Moet je voor die accessoires ook zelf betalen?’
Hij: ‘Hm.’
Ik: ‘Hoe kom je aan zoveel geld?’
Hij: ‘Die verdien je met crimineel getinte opdrachten.’
Ik: ‘Wat bedoel je met crimineel?’
Hij: ‘Drugsdeals, liquidaties, bankovervallen, dat soort dingetjes.’
Ik: ‘Doe je in opdracht van die kalende man die telkens terugkomt in het spel?’
Hij: ‘Je bedoelt Lester?’
Ik: ‘Weet ik veel hoe hij heet? Die creep. Die oudere man met die enorme bril die telkens door het beeld sloft.’
Hij: ‘Lester is een van de meest capabele misdadigers, hoor. Je kunt bij hem altijd goed geld verdienen.’
Ik: ‘Geld waarmee je dan een fictieve auto oppimpt?’
Hij: ‘Hm.’
Ik: ‘Geeft dat een goed gevoel dan dat je mensen omlegt voor materiële dingen?’
Hij: ‘Je moet voor de missies verdomd behendig zijn. De mooie auto’s zijn voor mij de beloning.’
Ik: ‘Ja, leuk om constant onschuldige mensen uit hun auto te trekken.’
(stilte)
Ik: ‘Ik begrijp het gewoon niet waarom je zoveel tijd aan nepgeld en fictieve auto’s spendeert.’
(stilte)
Ik: ‘In die tijd had je ook de winterbanden onder onze auto kunnen zetten. Een auto die, zeg maar, echt bestaat.’
(stilte)
Ik: ‘Dat geeft ook veel voldoening.’
Hij: ‘Maar dat is FUCKING STATION CAR, snap je? Ik sleutel in GTA5 aan een echte MacLaren, mijn droomauto. Dat is het verschil! En nu moet ik verder, ik moet voor Lester een bom stelen uit een onderzeeër.’

Blijf op de hoogte van nieuwe stukjes via Facebook of Twitter.

Fomo

Als je mij de laatste tijd hebt gemist op de verschillende sociale media, dan klopt dat. Sinds de uitvinding van het internet ben ik nog nooit zoveel offline geweest als in de afgelopen weken.

Dat komt allemaal doordat op 29 januari mijn tijdlijn op Twitter plotseling overspoeld werd met ongeruste berichten over het NOS Journaal dat niet stipt om acht uur was begonnen. Een beeldvullende storingsmelding – ‘Even geduld a.u.b.’ – werd plotseling bloedstollende televisie, doordat er online melding gemaakt werd van een gewapende man die namens een terreurcollectief zendtijd eiste. De rest van de avond keek ik onafgebroken televisie, ervan overtuigd dat het een historische journaaluitzending was.

De deceptie kwam een dag later. Toen bekend werd dat het om een eenmansactie ging van een verwarde jongeman met een nepwapen. Een avond lang zat ik aan de buis gekluisterd, voor niets dus.

Dat gevoel overvalt me wel vaker. Bijvoorbeeld wanneer ik een avond op internet heb rondgewaard. Dat begint meestal met het voornemen om snel online de krant door te bladeren. Daarbij stuit ik altijd op onbekende namen of termen, die ik dan ‘even’ opzoek via Google. Waarna ik me – uren later – wezenloos schrik omdat ik, via omzwervingen langs de instagram van Kim Kardashian, zonder duidelijke aanleiding op een internetpagina over sportvissen ben beland.

Gelukkig stelt een zoekmachine feilloos een diagnose als je dit soort rare symptonen als zoekterm invoert. Ik leed volgens dokter Google aan een milde variant van FOMO: the fear of missing out. Het blijkt dat veel mensen verslaafd zijn aan de constante stroom aan nieuws en statusupdates. Zij zijn bang om belangrijke berichten te missen, en zijn continu online om maar om up-to-date te blijven. Zo ontdekte ik, dat ik waarschijnlijk ongelukkig werd van al dat passieve lezen over wat andere mensen beleven.

Sinds deze diagnose heb ik me gehouden aan een aloude alcoholwijsheid, die ook goed toepasbaar bleek op de consumptie van internet. ‘Geniet, maar internet met mate,’ spreek ik mezelf telkens streng toe. Dan verbreek ik de internetverbinding, en duik heerlijk de sportschool of de kroeg in.

Maak je er dus geen zorgen over dat ik die prachtige profielfoto niet heb geliket of waarom ik wekenlang niets van je heb geretweet. Ik heb dat simpelweg allemaal gemist, omdat ik ondertussen leuke dingen heb gedaan. Daarover zou ik ellenlange statusupdates kunnen schrijven, maar die bespaar ik je. Steek die tijd vooral in het beleven van je eigen potentiële statusupdates.

Kast

In een draadloze wereld waar je met Spotify overal naar muziek kunt luisteren, is het ouderwets dat je een platenspeler koopt om daarop thuis platen af te spelen. Je geeft een fortuin uit aan langspeelplaten van prehistorische muziek uit de vorige eeuw, terwijl die muziek gratis is te beluisteren op YouTube. Althans na het verplicht bekijken van een Libresse commercial. Nadat je geheel kansloos aan een achtjarige jongen, die vanaf zijn geboorte digitaal door het leven swipet, de nauwelijks aanwezig voordelen van analoge muziek hebt uitgelegd, voel je je oud genoeg om persoonlijk de dinosauriërs te hebben overleefd.

Je begrijpt vast dat ik intens geniet van mijn opgeleefde vinyl-fetisj.

De keiharde reality-check kwam toen ik me realiseerde dat er alleen muziek uit de jaren zeventig, tachtig en negentig in de platenkast stond. Alleen het album ‘Songs To Soothe’ van Jacqueline Govaert stamde uit de eenentwintigste eeuw. Al moet ik daar dan eerlijk bij vertellen dat ik die plaat vooral heb gekocht vanwege warme herinneringen aan Krezip. En dat is ondertussen gewoon een band die in de jaren negentig is opgericht.

Sinds ik dat inzicht kreeg, had ik me stellig voorgenomen om geen oudere muziek meer te kopen totdat ik eerst een bestseller uit 2014 had aangeschaft. Dat goede voornemen bleek nog een flinke uitdaging, want ik luister nimmer naar moderne muziek. Afrojack, Taylor Swift en One Direction ken ik uitsluitend van naam. Van geen van hun recente hits kan ik een melodie neuriën. En dat allemaal doordat ik niet meer naar 3FM luister, omdat ik van de harde beats vanzelf hoofdpijn krijg.

Stom toevallig stuitte ik op de vinyluitgave van ‘In The Lonely Hour’ van Sam Smith, die ik meteen kocht. Sam Smith vind ik een fenomenale zanger. Ik zap nooit weg als zijn singles op de radio voorbij komen, want in zijn liedjes zit géén overdaad aan adlibs. Ik kon zelfs zijn hit ‘Stay With Me’ woordelijk meezingen.

Verder wist ik weinig van Sam Smith, dus verdiepte me thuis verder in hem. Totaal verrast was ik hij nooit heeft gelogen over zijn homoseksuele geaardheid en ondanks dat succesvol is in Amerika. ‘In 1982 was Boy George alleen succesvol omdat hij niet openlijk uit de kast kwam,’ dacht ik. Heel even had ik het gevoel dat het ooit allemaal goedkomt in de wereld. Tot ik me realiseerde dat ik tegen die tijd te oud ben om al die positieve veranderingen bij te benen.